Frederik van Eeden: De kleine Johannes

Samenvatting

De kleine Johannes, een jongen met veel fantasie, vindt op een avond een bootje vlak bij zijn huis. Hij stapt in het bootje en valt in slaap. Johannes wordt gewekt door een elfje, Windekind, dat hem zo klein als een elfje maakt. Windekind neemt Johannes mee door de natuur en laat hem een prachtige fantasiewereld zien. Windekind vertelt Johannes bijvoorbeeld het verhaal van de jonge meikever. Als Johannes op een nacht Wistik ontmoet, raakt hij geobsedeerd door kennis. Wistik zegt dat hij afweet van een boekje met alle antwoorden en Johannes is daar erg in geïnteresseerd. Windekind vindt het niet leuk dat Johannes met Wistik omgaat en hij zorgt dat Johannes weer groot wordt.

Als Johannes weer groot is, ontmoet hij Robinetta. Hij wordt verliefd op haar en als hij haar vraagt naar het boek met alle antwoorden, toont zij hem de bijbel. Als Johannes daar niets van wil weten, stuurt Robinetta’s vader hem weg. Johannes vertrekt en komt dan Pluizer tegen. Die laat hem in de stad kennismaken met dokter Cijfer en Hein. Johannes ziet in de stad veel ellende en Pluizer neemt hem mee naar het kerkhof, tot in de graven. Pluizer laat Johannes zelfs diens eigen lichaam in een graf zien. Johannes is nog altijd op zoek naar het boek met de ware kennis, maar hij begint ook terug te verlangen naar zijn eigen vader.

Pluizer en dokter Cijfer nemen Johannes mee naar zijn vader, die op sterven ligt. Als Johannes’ vader is overleden wil Pluizer sectie uitvoeren op het lichaam, maar dat gaat Johannes te ver. Johannes wint van Pluizer en wil dan met Hein mee, maar die staat dat niet toe. Dan keert Windekind terug en Johannes wil weer met hem mee. Maar er verschijnt een man die Johannes verplicht te kiezen tussen Windekind en ‘Het grote licht’ of de mensheid met al zijn ellende en pijn. Johannes kiest voor de mensheid. De laatste zin luidt: ‘Wellicht vertel ik u eenmaal meer van de kleine Johannes, doch op een sprookje zal het dan niet meer gelijken.’

Allegorisch sprookje

In De kleine Johannes beschrijft Frederik van Eeden de ontwikkeling van Johannes van kind tot volwassene. Het verhaal is een allegorisch sprookje, dat betekent dat abstracte begrippen worden voorgesteld als personen. Dat zie je in de fasen die Johannes in het verhaal doorloopt.

De eerste fase is die van het paradijselijke kinderlijke leven, deze fase wordt gesymboliseerd door het elfje Windekind. Hij verkleint Johannes tot elfengrootte en neemt hem mee op een tocht door de natuur. De kinderlijke weetgierigheid van Johannes wordt gesymboliseerd door Wistik. Hij zegt een boekje te hebben met het antwoord op alle vragen en omdat Johannes erg nieuwsgierig is, gaat hij met Wistik mee.

Dan ontmoet Johannes Robinetta, het meisje met het roodborstje. Johannes wordt verliefd op haar en zo staat Robinetta voor de puberteit en ontluikende seksualiteit. Ten slotte ontmoet Johannes Pluizer, die hem meeneemt op een tocht door de graven. Johannes maakt kennis met de sterfelijkheid van de mens en zijn eigen sterfelijkheid. Johannes ontworstelt zich van Pluizer door te vechten tegen diens wil om sectie te verrichten op het lijk van Johannes’ gestorven vader. Johannes kiest uiteindelijk voor de mensheid en laat zijn fantasiewereld achter zich.

Jan Fontijn

Jan Fontijn is schrijver, literair criticus en biograaf. Hij kent het werk van Van Eeden goed en heeft inleidingen en nawoorden geschreven bij uitgaven van Van Eedens werk. Hij schreef een tweedelige biografie over Frederik van Eeden: Tweespalt: het leven van Frederik van Eeden tot 1901 en Trots verbrijzeld: het leven van Frederik van Eeden vanaf 1901.

Fontijn heeft in een interview over De kleine Johannes een aantal vragen over het verhaal beantwoord. Je kunt ze hier beluisteren. Fontijn vertelt over de ontstaansgeschiedenis van het verhaal, over de keuze voor de sprookjesvorm en over de ontwikkelingsstadia die Johannes in het verhaal doormaakt.

Print Friendly